Het relaas van Shell tanker Ondina

Openingstijden
Deze tentoonstelling was te zien van 13 september t/m 26 oktober 2014 van 13.00 tot 16.00 uur.

Heroïsche strijd van de tanker Ondina
Zelden zal een ongelijke strijd, zoals die tussen de Nederlandse tanker Ondina, geëscorteerd door het Brits Indiase korvet HMIS Bengal, en twee zwaar bewapende Japanse hulpkruisers, een dergelijke onverwachte uitkomst hebben gehad. Eén van de Japanse raiders werd tot zinken gebracht en de twee geallieerde schepen bereikten ondanks alles een veilige haven. De heroïsche strijd van de Ondina en de Bengal baarde al tijdens de Tweede Wereldoorlog het nodige aanzien en is tot op heden een voorbeeld van moed en doorzettingsvermogen van zowel koopvaardijers als militaire zeelieden.

Ondina

De tanker Ondina

Op 11 november 1942 kruiste de koers van twee Japanse oppervlakte raiders die van een Nederlandse tanker en een Brits Indiaas korvet. De geallieerde schepen vielen de zwaar bewapende Japanse hulpkruisers aan en waren hierbij in alle opzichten in het nadeel. Het gevecht zou echter een heel onverwachte uitkomst krijgen.

In de morgen van 11 november 1942 voeren HMIS Bengal en de Ondina in kiellinie in westnoordwestelijke richting. Omstreeks 11:30 uur zag een uitkijk op de Ondina op 90 graden over bakboord, op een afstand van ongeveer 12.000 meter, twee schepen boven de horizon verschijnen. Even later werden ook vanaf HMIS Bengal de schepen gezien. Op de Ondina en de Bengal werd alarm geslagen en beide schepen draaiden 90 graden over stuurboord, weg van de vermoedelijk vijandelijke schepen.

Kapitein en 2de stuurman

Links: Kapitein Horsman. Rechts: 2de stuurman Bakker

De vijandelijke schepen werden herkend als zijnde Japanse hulpkruisers en de Bengal stoomde recht op de voorste af. Later herkende men aan boord van de geallieerde schepen de zusterschepen Hokoku Maru en Aikoku Maru. Kapitein Horsman begreep dat hij met zijn langzame tanker nooit op snelheid kon ontkomen aan de snelle Japanse schepen en besloot het gevecht aan te gaan met zijn 10,2cm kanon. De Hokoku Maru opende het vuur op HMIS Bengal.

HMIS Bengal beantwoordde het vuur van de Hokoku Maru met de twelve pounder. Tweede stuurman Bakker van de Ondina, die geschut commandant was van de tanker en op het achterdek bij het kanon stond, vroeg toestemming aan kapitein Horsman om het vuur te openen. De gezagvoerder van de Ondina gaf toestemming. De Ondina opende het vuur het vijfde of zesde schot van de Ondina bracht een geweldige explosie teweeg op de Japanse hulpkruiser. Een enorme oranje-gele vlam was even zichtbaar en seconden daarna brak een deel van de achtersteven af het schip zonk. Aan boord van de Ondina kon men de ogen en oren niet geloven.

Intussen had de Ondina haar laatste 10,2cm granaten verschoten. Kapitein Horsman liet witte vlaggen hijsen en gaf order om het schip te verlaten. De machines werden gestopt en de bemanning ging van boord in drie reddingsboten en twee reddingsvlotten. De treffer die de Ondina om 13:08 kreeg op de brug, de laatste die door de bemanning van HMIS Bengal gezien werd, doodde kapitein Horsman.

schade boot

De schade aan de boeg

De overgebleven Japanse raider naderde de Ondina tot op 400 meter en vuurde twee torpedo`s af op het verlaten schip, die beide doel troffen. Er werden grote gaten geslagen in de stuurboordzijde van tanks nummer 1 en 2. De Ondina kreeg hierdoor een slagzij van dertig graden, maar bleef drijven op de andere tanks.

De Japanners vuurden nog een torpedo af op de tanker, maar deze miste. Overtuigd dat de tanker toch verloren was, verliet de Japanse hulpkruiser het strijdtoneel.

Eerste officier Rehwinkel, wilde terugkeren naar de Ondina. Van de bemanningsleden die zich in zijn sloep bevonden, was echter alleen matroos Visser bereid met hem mee te gaan. Tweede stuurman Bakker was met de motorsloep, waarover hij het bevel voerde, inmiddels wel naar de tanker teruggegaan en samen met derde machinist Leys, de Australische kanonnier Hammond en de Britse kanonnier Ryan, ging hij aan boord van het hier en daar nog brandende schip. Bakker en de kanonniers begonnen water binnen te laten in enkele bakboordtanks waardoor de Ondina langzaam weer recht in het water kwam te liggen. Leys ging de situatie in de machinekamer opnemen en constateerde dat de dieselmotor nog intact was.

De tanker was inmiddels weer recht getrimd.  De stokers en machinisten gingen aan het werk en enkele uren later kon eerste officier Rehwinkel langzaam vooruit geven en even later zelfs volle kracht vooruit. De zwaar beschadigde tanker zette koers naar Fremantle terwijl de bemanning de laatste vuren in het voorschip bluste.

Het was al 17 november geworden eer de beschadigde Nederlandse tanker werd verkend door een Australische Catalina vliegboot, ruim 220 mijl ten noordwesten van Fremantle.  De volgende dag liep de Nederlandse tanker de haven van Fremantle binnen na een reis die niet volgens verwachting was verlopen en die vijf bemanningsleden het leven had gekost.

Prins Bernard

Prins Bernard onthuld gedenkplaat

Op 8 november 1948 lag de Ondina afgemeerd aan de Rotterdamse Parkkade en Koningin Juliana en Prins Bernhard brachten een bezoek aan het inmiddels beroemde schip. De Ondina was op 9 juli van dat jaar de Koninklijke Vermelding bij Dagorder toegekend en op 8 november werd de tekst van dat besluit voorgelezen door de koningin. Daarna onthulde Prins Bernhard aan de achterzijde van de brug een bronzen gedenkplaat met daarop vermeld de onderscheiding die het schip en daarmee haar bemanning ten deel was gevallen. Toen in 1959 de tanker buiten dienst werd gesteld, werd de gedenkplaat aangebracht in het hoofdgebouw van Shell Tankers. Vele bemanningsleden van de Ondina werden persoonlijk gedecoreerd, kapitein Horsman en hoofdmachinist Niekerk postuum. De Ondina zelf werd in 1959 gesloopt.